Het adolescentenstrafrecht, de berechting van jonge verdachten tussen de 18 en 23 jaar oud

Jongeren tussen de 16- en 23 jaar oud hebben een belangrijk aandeel in de criminaliteit. Zij zijn verantwoordelijk voor ongeveer 30 procent van alle delicten. Het uitgangspunt is dat jongeren tussen de 12- tot 18 jaar volgens het jeugdstrafrecht berecht worden. Jongeren ouder dan 18 jaar worden volgens het reguliere strafrecht berecht. Op 1 april 2014 is hier verandering ingekomen en werd het adolescentenstrafrecht geïmplementeerd in Nederland. Met het adolescentenstrafrecht wordt door de wetgever een flexibele toepassing van het jeugd- en reguliere strafrecht bij 16- tot 23-jarigen beoogd.

Jongeren die 16- of 17 jaar waren toen het feit werd gepleegd, kunnen volgens de rechter in uitzonderlijke gevallen ook volgens het reguliere strafrecht worden berecht. Dit gebeurt slechts in zeer uitzonderlijke gevallen. Daarnaast kan een jongvolwassene die de leeftijd van 18 jaar, maar nog niet die van 23 jaar heeft bereikt, volgens het adolescentenstrafrecht berecht worden. Het doel van het adolescentenstrafrecht is dat jongeren die een strafbaar feit hebben gepleegd een straf opgelegd krijgen die beter past bij hun ontwikkelingsfase. Hierbij wordt gekeken naar de wettelijke criteria: de persoonlijkheid van de verdachte en de omstandigheden waaronder het feit is begaan. Bovendien hebben jongvolwassenen behoefte aan veilige en positieve leefomstandigheden, waarmee het pedagogische karakter van het adolescentenstrafrecht naar voren komt. Het is uiteindelijk de rechter die beslist over het wel of niet toepassen van het adolescentenstrafrecht. Maar wat zijn nu de doorslaggevende argumenten om een verdachte in de leeftijd van 18- tot 23 jaar te berechten volgens het adolescentenstrafrecht?

Naar aanleiding van een kritische analyse van de jurisprudentie, de literatuur en een onderzoek naar de praktijk is duidelijk geworden wat de doorslaggevende argumenten zijn om een jongvolwassene te berechten volgens het adolescentenstrafrecht. Volgens het verrichte onderzoek is de persoonlijkheid van de verdachte en de advisering van de reclassering en/of adviezen van overige deskundige doorslaggevend om een verdachte volgens het adolescentenstrafrecht te berechten en een jeugdstraf op te leggen. Bij de beoordeling van de persoonlijkheid wordt er gelet op verschillende bijkomende omstandigheden zoals of de verdachte een stoornis en/of ontwikkelingsproblematiek heeft, in welke ontwikkelingsfase de verdachte zich bevindt, of de verdachte nog naar school gaat, de thuissituatie, pedagogische mogelijkheden, de houding gedurende het onderzoek, de kans op recidive en de aanwezigheid van justitiële documentatie.  

Bij de beoordeling van de persoonlijkheid van de verdachte is het deskundigenadvies leidend en worden de bijkomende omstandigheden in overweging genomen. Er wordt vooral nadruk gelegd op de pedagogische mogelijkheden, aangezien het adolescentenstrafrecht een pedagogisch karakter heeft. Het is van belang dat een verdachte een zo gunstig mogelijke verdere ontwikkeling heeft als ook het belang van de maatschappij, om verdachte in de toekomst ervan te weerhouden zich opnieuw schuldig te maken aan het plegen van strafbare feiten.

Tot slot wordt er natuurlijk gelet op de belangen van de cliënt. Met de juiste verdediging kan het adolescentenstrafrecht zeker een uitkomst bieden voor jongvolwassenen tussen de 18- en 23 jaar oud.

Ben jij iemand of ken jij iemand die hier hulp bij nodig heeft, of wil je meer informatie, neem dan contact op met mr. Kristen Megens-Van Mierlo via 0412-614 464 of via secretariaat@bruisadvocaten.nl. BRUIS advocaten & mediators staat je graag bij tijdens de gehele strafprocedure.

Vorige
Vorige

Als alleenstaande ouder op vakantie met je kind(eren)

Volgende
Volgende

Niet willen scheiden vanwege ‘de nadelen’